Er waren verschillende gladiatorentypes die elk hun eigen wapenuitrusting hadden. De paringen werden dusdanig samengesteld dat er een evenwichtig gevecht ontstond. Zo hadden beide gladiatoren evenveel kans het gevecht te winnen.

De Romeinen verdeelden de gladiatoren in 3 groepen: de scutarii (grote schilden), parmularii (kleine schilden) en de gladiatoren zonder schild. Tot de scutari behoren o.a. de secutor, murmillo en provocator. De bekendste parmularii zijn de traex en hoplomachus. De bekendste schildloze gladiator is de retiarius.

Retiarius
Wellicht het bekendste gladiatoren type is de retiarius. Zijn naam is afgeleid van het Latijnse woord rete, dat net betekent. De retiarius is dan ook een netvechter. Zijn aanvalswapen is naast het net een tridens (drietand). In de combinatie van drietand en net is duidelijk de oorsprong van visser te zien. Zijn enige bescherming is een manica (armbeschermer) en galerus (schouderplaat) op zijn linkerarm. Hij vecht zonder helm en heeft nog een dolk als reserve wapen, wanneer hij zijn net kwijt is. De retiarius is een afstandvechter en wordt vaak tegenover een secutor geplaatst.

Secutor
De gebruikelijke tegenstander van de retiarius is de secutor. Zijn naam betekent ‘vervolger’. De secutor werd ook wel contraretiarius genoemd. Hij heeft een gladde gesloten helm. Hierdoor kan het net niet zo gemakkelijk achter zijn helm blijven haken. De helm heeft slechts 2 kleine ooggaatjes, wat hem een angstaanjagende aanblik geeft. In zijn linkerarm draagt hij een groot schild, de scutum. Zijn rechterarm word beschermt met een manica, daar bij het aanvallen met zijn zwaard deze arm uitsteekt. Aan zijn linker been draagt de secutor een kleine ocrea (scheenplaat) om klappen van zijn scutum tegen de schenen op te vangen.

Arbelas
Een andere schildloze gladiator, nauw verwant aan de secutor, is de arbelas (ookwel bekend onder de naam scissor: ‘slachter’). De arbelas heeft in zijn linkerarm in plaats van een schild een manica die uitkomt in een metalen halve maan vormig mes, zijn schaar (vgl. Engelse woord scissor voor schaar). Omdat hij geen schild heeft en toch een korte afstandsvechter is, is hij volledig gepantserd. Hij draagt dan ook een ocrea op elk been. Met zijn 25 kg aan bepantsering is hij dan ook een van de zwaarst bewapende gladiatoren.

Thraex
De Thraciër of thraex heeft een wapenset en vechtstijl die afgeleid is van de Thraciers (een volk dat woonde in het huidige Roemenië). Naast een vierkante gebogen parma (kleinschild) in zijn linkerhand heeft hij een sica supina (zwaard met een knik erin) in zijn rechterhand. Dit zwaard is afgeleid van Thracische voorbeelden. Met dit zwaard kan hij over het schild van zijn tegenstander aanvallen. Omdat hij een klein schild heeft, heeft hij aan beide benen grote ocrea. Zijn helm heeft een afbeelding van een griffioen en is vaak versierd met veren.

Hoplomachus
De hoplomachus is geïnspireerd op de Griekse hopliet. Hij draagt dan ook een ronde parma en is een speervechter. Wederom heeft hij net zoals de traex twee grote ocrea. Zijn helm is ook vergelijkbaar met die van de traex. Zijn tegenstander is de murmillo, maar hij heeft ook wel eens de thraex tegenover zich.

Murmillo
De murmillo is een gladiator met een Germaanse herkomst. Zijn tegenstanders zijn de hoplomachus en de traex. Het is een vechter met een groot schild en vaak een versierde visierhelm. Hij heeft een ocrea aan zijn linkerbeen en een gladius in zijn rechter hand.

Eques
De eques starten hun gevecht te paard, maar gaan vervolgens verder te voet. In tegenstelling tot de andere gladiatorentypen vecht de eques niet in subligaculum (lendenschort) maar in een tunica. Hij heeft een kleinschild en start het gevecht met een hasta (lans). Op de grond gaat het gevecht verder met een zwaard (gladius).

Provocator
De provocator (‘uitdager’) heeft een wapenuitrusting gelijkend op de andere groot-schild gladiatoren, maar heeft tevens een pectorale (borstplaat) ter bescherming. Zijn tegenstander is een andere provocator. In het begin vocht dit type met een helm zoals de Romeinse soldaten die ook gebruikte, maar later krijgt hij zijn eigen type helm. Zijn primaire wapen is de gladius.

Daarnaast zijn er nog andere types welke minder vaak voorkwamen. Voorbeelden hiervan zijn de cruppelarius (volledig gepantserd) en de sagitarii (boogschutter).Ook zullen er in de verschillende uithoeken van het Romeinse rijk zich mogelijk nog allerlei andere gladiatorentypen hebben ontwikkeld, welke niet aan ons overgeleverd zijn.